Dit geschiedenisrijke land ziet zijn auto-productie dalen tot het laagste niveau sinds 1952

 

Een iconische autosector wankelt en stelt pijnlijke vragen over beleid, ketens en technologie. Achter de dalende volumes tekenen zich onverwachte verschuivingen af, met beloftes die evenveel kansen als risico’s in zich dragen.

De Britse autoproductie is teruggezakt naar een niveau dat generaties ondenkbaar leek, en de stilte in sommige hallen klinkt harder dan de machines. Een stapeling van handelsschokken, fabriekssluitingen, pandemie-effecten en een ontwrichtende cyberaanval heeft de sector uitgeput. Toch lonkt herstel: als de elektrische omslag doorzet, kan de lopende band weer aantrekken.

Britse autoproductie op historisch dieptepunt sinds 1952

Als je door Sunderland of Solihull rijdt, zie je het meteen: de glans is eraf. Productielijnen die ooit dag en nacht draaiden, haperen of staan stil. De bedrijvigheid maakt plaats voor behoedzaamheid en tijdelijke contracten. De cijfers die nu boven tafel komen, laten weinig ruimte voor eufemismen.

Een historisch dieptepunt in 2025

In 2025 bereikte de autoproductie in het Verenigd Koninkrijk een historisch dieptepunt. Slechts 764.715 voertuigen rolden van de band, een niveau dat niet meer is gezien sinds 1952, aldus brancheorganisatie SMMT. Dat is 15,5 procent minder dan in 2024, toen de sector al onder druk stond. De malaise sleept al jaren en stabilisatie blijft uit.

Wat ligt aan de basis van deze crisis?

De oorzaken zijn divers. Brexit bracht onzekerheid en extra heffingen, waardoor producenten investeringen uitstelden; sluitingen als Honda Swindon in 2021 en Vauxhall Luton in maart 2025 hakten erin. De pandemie verstoorde toeleveringsketens, en een cyberaanval legde in september 2025 bij Jaguar Land Rover tijdelijk de productie stil. Daarbovenop drukken geopolitieke spanningen en onder Donald Trump ingevoerde tarieven, terwijl Nissan en JLR oudere modellen uitfaseren: gaat het om louter conjunctuur of om een structurele verschuiving?

Gevolgen voor de industrie

De impact is tastbaar: de productie van bedrijfsvoertuigen daalde met 62 procent tot 47.334 stuks in 2025. Dat snijdt diep in de omzet en zet duizenden banen onder druk. Rond sluitende fabrieken volgt een domino-effect voor toeleveranciers, horeca en logistiek in de regio. Het wantrouwen bij internationale investeerders groeit, wat een broodnodige kapitaalimpuls vertraagt en het herstel verder bemoeilijkt.

Een sprankje hoop aan de horizon

Toch gloort er perspectief. De vraag naar elektrische modellen stijgt, en de Society of Motor Manufacturers and Traders verwacht dat de output tegen 2027 weer boven 1 miljoen uitkomt. Fabrikanten investeren in nieuwe EV-platformen en batterij-assemblage, met het oog op strengere CO2-normen, regels van oorsprong en lokalisatie-eisen. Volgens SMMT-topman Mike Hawes biedt deze transitie een kans om het vertrouwen te herwinnen, mits overheid en industrie tempo maken met infrastructuur en skills.

Koen van Dijk
Geschreven door Koen van Dijk

Koen van Dijk is autojournalist en redacteur met een specialisatie in autonieuws, elektrische mobiliteit en technologische innovaties. Hij schrijft over nieuwe modellen, rijtests en de toekomst van duurzame mobiliteit, met een scherp oog voor prestaties en gebruiksgemak.