Hij maakt een 3D-geprinte Lamborghini in zijn tuin voor 17.000 € en weigert vervolgens een enorm aanbod

 

In een achtertuin in Colorado probeert een ingenieur een videogame-supercar met 3D-printers en schroot tot leven te wekken, balancerend op een schoenenbudget tussen vindingrijkheid, merkrecht en de vraag of hij er ooit legaal de weg mee op kan.

Uit een simpele vraag van zijn zoon groeide in Colorado een ambitieus hobbyproject: een ingenieur besloot een game-droom om te smeden tot iets tastbaars. Vier jaar sleutelen, digitale modellen en betaalbare apparatuur later staat er een supercar die het grijze gebied tussen inspiratie en imitatie oprekt. Het publiek smult van de looks, juristen fronzen over de merkrechten. Hijzelf wijst liever naar de kinderen die eromheen staan: een les techniek op wielen.

Een simpele vraag leidt tot een buitengewoon project

In 2018 vroeg een zoon tijdens het gamen met Forza: “Papa, kunnen wij een Lamborghini maken?” Ingenieur Sterling Backus zei ja en begon met een budget van 17.000 euro aan een Aventador-achtige replica in zijn achtertuin in Colorado.

Wat een spontane vraag was, werd een leerlab van 4 jaar voor vader en zoon. Ze bouwden ’s avonds en in weekenden, en leerden onderweg modelleren, printen, lijmen, passen en verbeteren.

Het project werd strak gepland, maar liet ruimte voor improvisatie en fouten. Juist die omwegen maakten het proces tastbaar en motiverend voor iedereen die meekeek en meehielp.

Ruim 1.000 onderdelen geprint met 3D-technologie

Backus vergrootte een 1:10-model naar ware grootte en sneed het op in printbare segmenten. Consumentenprinters draaiden ruim 6.000 uur en leverden meer dan 1.000 stukken, met printsessies die soms 50 uur onafgebroken duurden.

Panelen en interieurdelen kwamen laag voor laag tot stand met sterke thermoplasten. Nauwkeurigheid werd afgedwongen met mallen, schuren en hitte, zodat lijnen en naden strak over de carrosserie liepen.

Voor techniek koos hij beproefde mechanica: een V8 LS1 van 5,7 liter uit een Chevrolet Corvette C5. De motor koppelde hij aan een 6-bak van een Porsche 911 en twee turbo’s, goed voor circa 550–600 pk.

Het grotere plaatje: educatie en principes

Backus gebruikte de auto als rijdend klaslokaal en bezocht scholen om wetenschap en techniek te verlevendigen. Leerlingen mochten voelen, vragen, meten, en zagen abstracte begrippen veranderen in onderdelen die echt pasten en functioneerden.

Een bod van 100.000 dollar sloeg hij af, omdat verkoop het verhaal zou ontkrachten. Voor hem telt de reis: ontwerpen, falen, oplossen en dan de eerste meters rijden met je eigen creatie.

Juridisch dacht hij vooruit door elk paneel te hertekenen en geen merksymbolen te gebruiken. De auto is een uniek project, geen commerciële kopie, en daarmee op veilige afstand van de merkrechten van Lamborghini.

Een unieke verschijning met een sterke boodschap

De replica trekt bekijks bij lokale shows én in makersgemeenschappen online. Foto’s misleiden op afstand, maar van dichtbij zie je de slimme constructie die functie boven fetisj plaatst.

Waarom geen echte kopen? Omdat bouwen een andere beloning geeft dan bezitten, zegt hij, en omdat leren met je handen een herinnering achterlaat die niet vervaagt als de sleutel omdraait.

Zijn auto staat inmiddels voor meer dan snelheid: hij verbindt generaties, opent deuren naar techniek en toont hoe ver je komt met toewijding, geduld en een printer die blijft zoemen.

 

Koen van Dijk
Geschreven door Koen van Dijk

Koen van Dijk is autojournalist en redacteur met een specialisatie in autonieuws, elektrische mobiliteit en technologische innovaties. Hij schrijft over nieuwe modellen, rijtests en de toekomst van duurzame mobiliteit, met een scherp oog voor prestaties en gebruiksgemak.